Exploring fair fashion (3): Fair Fashion Lab

A honest and humane future in the fashion industry.

This is what Fair Fashion Lab, the current temporary exhibition at the Humanity House in Den Haag, is exploring through six installations by Dutch artists.

The exhibition has been set up in response to many factory disasters in the textile and fashion industry which have happened over the last few years, of which the Rana Plaza collapse in April 2013 has been the largest recent disaster. The fashion industry is being confronted with more pressure – from some consumers and from government, at least in the Netherlands – since then to be more transparent about how and where it manufactures its products and what it is doing to clean up their supply chains.

It took me a while to actually make it to this exhibition, but I’m happy that I finally walked in a few weeks ago – considering my interest in this topic, and my own exploration to find responsibly produced clothes (here & here).

Rather than diving into a theoretical analysis of all the things that are wrong in the supply chains getting fashion into the shops, the Fair Fashion Lab invited six artists to give their perspective on solutions for the industry. This has resulted in six very diverse installations.

What all the installations have in common is that they challenge the visitor to think about what they wear, where they buy their clothing and what they might do differently next time they walk into a clothing shop.

For example, one artist shares different ways of DIY-fashion, and another commits visitors to always ask in a shop where the piece of clothing they want to buy is made.

These are easy things that people can do, even if it can sometimes be frustrating. My own questions to shop assistants about information on local production only rarely gets a satisfying answer. Yet, the exhibition also offers a great opportunity to give visitors more: even if it is just some additional information on fair fashion – such as referrals to apps and sites which lists brands that are open about their production process (such as the EerlijkWinkelen shopping routes, the TalkingDress app and more)

Luckily, part of that is covered in the events and side-programme that accompany the exhibition. Such as the Fair Fashion Lab Festival coming up on October 18 & 19: workshops, presentations, a fashion show and a pop-up shop for all your fair fashion questions.

The exhibition Fair Fashion Lab can be seen until 31 December 2014.

“Vaak liggen loopbaanmogelijkheden alles behalve voor de hand.”

09:00
Mijn werkdag begint vandaag buiten de deur. Maar voordat ik naar het ministerie van Buitenlandse Zaken doorloop, haal ik eerst mijn stagiair-voor-een-dag Jennifer* op bij Den Haag CS.

Want, voor studenten Japanologie is het soms maar lastig te bedenken welke loopbaanmogelijkheden er eigenlijk zijn na toch best een specialistische studie. Vaak liggen die mogelijkheden alles behalve voor de hand.

Zoals zelfstandig werken op de onderwerpen MVO, Azië en internationaal ondernemen. En ook dat klinkt voor veel mensen nog best vaag. Daarom neem ik haar – en jullie – mee op een van mijn werkdagen.

09:30
De eerste afspraak: maandelijks schuif ik aan bij een vergadering van het NCP OESO-richtlijnen om de voortgang van mijn werkzaamheden te bespreken, maar vooral om overeenstemming te krijgen over plannen voor de komende tijd. Mijn werk richt zich vooral op voorlichting: website, evenementen en een aantal zaken die vooral op de achtergrond aandacht vragen. In de vergadering maken we keuzes over het thema voor een bijeenkomst eind november en worden de laatste wijzigingen in het werkprogramma voor 2015 afgestemd. Aan dat laatste heb ik de afgelopen weken veel tijd besteed dus met een goed gevoel verlaat ik de vergadering.

Onderweg naar buiten praat ik Jennifer verder bij over die vergadering. Ondanks dat we een studie gemeen hebben, staat deze dag bijna volledig in het teken van andere onderwerpen dan Japan, dus de dag bevat voor haar behoorlijk veel onbekende onderwerpen verwacht ik.

12:00
We zijn weer op mijn ‘kantoor’, dat wil zeggen: thuis, waar ik na anderhalf jaar eindelijk een fijne werkplek heb gecreëerd. Ik zet alvast een paar punten naar aanleiding van de vergadering van die ochtend per mail uit. Vragen over zalen voor de bijeenkomst in november, over planning, over sprekers. Ook meld ik me aan voor een conferentie in diezelfde week over een ander thema waar ik meer over wil leren: hoe kun je in je (productie)keten een leefbaar loon realiseren en welke innovatieve oplossingen gebruiken bedrijven nu al.

13:00
Omdat de middag straks weer gevuld is met nog een paar afspraken is de lunch simpel en praat ik Jennifer bij over een aantal dingen waar ik mee bezig ben. Zoals een mogelijk event rond MVO in China waar ik met een aantal mensen over in gesprek ben. En de reis naar China waar ik me op oriënteer voor volgende maand. De komende week wil ik een knoop doorhakken over het wel of niet gaan, maar eigenlijk vooral over de route (welke steden) en hoe ik mijn reis slim kan koppelen aan een aantal evenementen die rond die tijd in o.a. Shanghai en Beijing plaats vinden. Ik stuur nog een paar mails uit naar contacten in China als verdere voorbereiding.

Het is een aardige puzzel, maar langzaam maar zeker wordt mijn beeld van wat ik deze keer in China wil doen scherper.

14:30
We lopen weer richting het ministerie: kennis maken met een nieuwe collega die volgende week begint. Ik ben dan een paar dagen op reis en we praten daarom nu alvast over het werk wat ze gaat doen waarvoor ik een deel overdracht verzorg. In het DE Cafe in Babylon wacht ik nog even op haar te midden van werkende en druk pratende mensen. Het wordt een heel leuk gesprek, mede ook omdat ze net terug is van een paar weken in Shanghai en we dus ineens praten over gezamenlijke kennissen van daar voordat we toekomen aan de reden van deze afspraak. Na de koffie lopen we nog even het ministerie in om de start van haar werk met haar rechtstreekse collega te bespreken. Na een korte stop bij het directie-secretariaat om wat afspraken te maken, loop ik naar buiten.

Eenmaal buiten realiseer ik me dat het alweer laat in de middag is. In de buitenlucht kom ik bij van de vele uitgebreide gesprekken van vandaag, maar ben ook tevreden met de afspraken die er zijn gemaakt.

17:30
Langzaam lopen we naar het centrum van Den Haag voor even een beetje Japan in mijn dag – en dus ook het moment dat Jennifer weer bij bekende materie is: het Japan Open Café is al begonnen en ik vind een paar bekenden uit het Japan-netwerk. De borrel is bedoeld om buiten de kring van Japanologen juist ook anderen die actief zijn met Japan in hun werk bij elkaar te brengen. Dat begint intussen steeds beter vorm te krijgen. Ik praat bij met een paar mensen, en sta vervolgens in een Japans gesprek met een van mijn professoren en de Japanner met wie hij staat te praten. Het is even weer wennen om in het Japans uit te leggen wat MVO is, maar de woorden komen snel genoeg weer terug. Onverwacht is ook mijn oud-balletlerares er – ik herinner me weer dat ook zij Japanoloog is – en we hebben een enorm leuk gesprek over zelfstandig werken, duurzaamheid in je eigen leven integreren en veel meer.

20:00
Ik laat Jennifer achter bij haar studiegenoten waarvan er ook een paar zijn. Onderweg naar huis denk ik terug aan de dag en hoop ik dat ze heeft kunnen zien dat een studie je niet hoeft te beperken in het soort werk dat je doet. Ook een opleiding zoals Japans kan de start zijn voor een veel bredere loopbaan dan je in eerste instantie zou denken, als je zelf die andere richting maar kan ontdekken.

* Jennifer is een fictieve stagiair-voor-een-dag

Dit is geschreven voor #blogawayNL

innovative Dutch: Guangzhou TV Tower

Dutch business: innovative, creative, diverse

Industrial design. Baby products. Digital signage. Horticulture. Online gaming. Ecommerce software. Veterinary pharmaceuticals.

This list is just a fraction of the industries I have encountered through the companies that I have spoken with over the last three months. In that time, I have met with nearly 60 Dutch companies from almost every conceivable industry and market segment. I spoke with them about – of course, their company and products, but mainly about their interest in doing business in China and what type of Chinese counterparts would be good business partners for them.

All these companies are participants of a trade delegation travelling to China at the end of next month with the mayor of Amsterdam. My part in their preparation for this trip is small, but essential: having a clear profile of the type of contacts and the type of business the Dutch company is interested in is fundamental for finding suitable matches in China. This, of course, is not easily done. China is a big place, the business and products of many of these Dutch participants are very specific and Chinese companies may have different expectations of meeting them. Nevertheless I feel confident that my part in this process will have contributed to this matchmaking search.

From advice to sharing experiences

Many of these meetings weren’t interviews where I would only check off the questions I had in front of me. Talking to entrepreneurs and export managers is one of my favourite (work) things to do, so I try to get as much information from them as I can – relevant to the context of course – but in so many of these discussions that also means you hit other topics.

Such as Japan: I was pleasantly surprised to hear that many of these companies are also interested to explore opportunities for their products in Japan – or are already there, alongside their China activities. Or, when talking to a company which is very new at doing business in China and international business in general, my role becomes that of an advisor in which I try to help them along in figuring out what is the best way for their company to grow their business internationally.

And then there are some entrepreneurs I spoke to which have been involved in China for much longer than I have – and those sessions turned into a mutual sharing of experiences in China.

Innovative, diverse, creative

But over all, what has been so good to see over the past three months – and what amazes me almost always when I talk to an unknown company – is the immense diversity, level of innovation and ambition that is inherent in Dutch business. Dutch business has raised world leaders in the smallest niches and the most advanced technologies, and includes some of the most creative work I know. It’s been a pleasure meeting and working with all of these companies which are hopefully heading towards a successful future of doing business in China, starting in Beijing.

Het ongrijpbare doel

Doelen. Ze blijven voor mij altijd een beetje ongrijpbaar. Natuurlijk kun je concrete doelen stellen, bijvoorbeeld wat je wil bereiken over een aantal jaar. Maar in de praktijk is de uitvoering ervan nooit zo simpel als het lijkt. Het voelt vaak alsof er vanalles gebeurt om die richting te onderbreken of te veranderen.

“Life is what happens to you while you’re busy making other plans.”

Doelen zijn er natuurlijk in alle vormen en maten: klein, groot, veraf, dichtbij, van droomproporties of gewoon iets wat je elke dag gedaan wilt hebben. Wanneer ik werk aan het realiseren van een doel probeer ik zoveel mogelijk mijn eigen koers te varen: hoe ik denk dat ik dat doel het beste kan bereiken. Maar bij de basis van die koers hoort ook de input en ideeën van anderen. Wat er om mee heen gebeurt en de reacties die ik krijg in gesprekken – alles wordt onderdeel daarvan.

Er zijn ook dingen waar ik juist minder rekening mee houd.

Zoals tijd. Ik werk door op momenten dat ik misschien beter naar buiten kan, of beter kan gaan slapen. Maar juist op die momenten dat ik eindelijk echt mijn ideeën goed op papier krijg en uitgewerkt krijg, gaat dat voor. Ik begin de volgende dag wel een uurtje later.

En details. De grote lijn is het belangrijkste. Tenminste, zodra ik dat heb staan, zodra ik het kader helder heb waarbinnen ik iets wil uitvoeren, volgt de rest vanzelf. Of nou ja, misschien niet helemaal vanzelf – vaak is het hard werken – maar dan weet ik dat die details op de juiste manier hun plek vinden en dat ze in elk geval het resultaat niet in de weg staan.

Tegelijkertijd zijn deze twee dingen essentieel: tijd heb ik nodig om mijn ideeën te laten bezinken en die grote lijn te laten vormen. Tijdsdruk opleggen kan soms averechts werken en mijn creativiteit indammen. En daarbij horen ook die details, die uiteindelijk toch smaak en kleur geven aan het oorspronkelijke idee.

 

Dit is geschreven voor #blogawayNL.

De tienkamp in ondernemen

Met welke sport vergelijk jij je werk? Dat is de vraag van de eerste opdracht van de nieuwe maand Blogawaynl waar ik aan mee doe.

Mijn werk is zo veelzijdig geworden – juist ook als ondernemer nu het niet alleen meer aankomt op de inhoud die ik lever maar ook op die andere werkzaamheden zoals acquisitie, marketing en netwerken onderhouden – dat ik me eigenlijk afvraag of er wel een sport is die die veelzijdigheid vangt. Want meestal gaat het in een sport toch om goed zijn in één ding en de verschillende technieken van één sport goed beheersen.

Maar direct daarna dacht ik aan de tienkamp. Toegegeven, misschien geen sport op zichzelf maar een wedstrijdonderdeel in de atletiek die meerdere disciplines omvat: hardlopen, hoogspringen, speerwerpen etc. En dat dus precies die veelzijdigheid omvat die ik in mijn werk herken: hoewel ik een sterk specialisme nastreef (projecten & advisering op maatschappelijk verantwoord & duurzaam internationaal ondernemen in China & Japan) betekent dit in de praktijk dat ik op heel uiteenlopende projecten werk die vaak op 2 van de 3 inhoudelijke pijlers steunen.

Bijvoorbeeld een combinatie van internationaal ondernemen en China, zoals bij de ondersteuning van een handelsmissie naar China van de gemeente Amsterdam. Of een combinatie van MVO en internationaal ondernemen bij het communicatiewerk dat ik uitvoer voor het Nationaal Contactpunt voor de OESO-richtlijnen.

Voeg daarbij de tijd die ik steek in projectontwikkeling (bijvoorbeeld ideeën ontwikkelen voor organisatie van een eigen evenement), acquisitie & marketing of het onderhouden van relevante netwerken (zoals via Absolute Asia en andere netwerken waarbij ik aangesloten ben) en ineens lijkt mijn werkweek een wedstrijd bestaande uit veel verschillende onderdelen. Ik noem het een wedstrijd, want om succesvol te zijn is het nodig om al deze onderdelen op hoog niveau te kunnen uitvoeren – met hier en daar een (inhoudelijke) uitschieter en af en toe wat hulp van een specialist op het gebied van bijvoorbeeld accountancy. In de (top)sport vergt dat tijd, energie, doorzettingsvermogen en toewijding om keer op keer tot het juiste resultaat te komen. Precies zoals dat bij ondernemen ook zo is.

Wat mist bij de vergelijking met de atletiek is dat atletiek op mij over komt als een bijzonder individuele sport: ik werk als zelfstandig ondernemer maar tegelijkertijd ben ik meestal op mijn best als ik mijn werk kan doen in samenwerking met anderen. Om ideeën te ontwikkelen, nieuwe activiteiten op te zetten, of een strategie voor een project uit te denken. Maar, zelfs in de atletiek kom je die samenwerking bij sommige elementen tegen: bijvoorbeeld bij de estafette waar je alleen als snelste de eindstreep kunt halen als iedereen in het team zijn beste been voor zet.